AirBaltic neemt ingrijpende maatregelen om de luchtvaartmaatschappij toekomstbestendig te houden. Het bedrijf zit in financieel zwaar weer. Daarom krimpt de vloot dit jaar nog met bijna een derde van de vliegtuigen.
Met de maatregelen slaat AirBaltic een nieuwe weg in. Eerder mikte de maatschappij uit Letland nog op een vloot van honderd vliegtuigen en uitbreiding van het netwerk. Nu ziet het er allemaal wat minder rooskleurig uit. De airline brengt de focus terug naar de hub in Riga, wat betekent dat Tallinn en Vilnius als hub komen te vervallen. AirBaltic voert vanaf deze bases nog wel vluchten uit, maar ze spelen geen grote rol meer in het overstapnetwerk.
Daarnaast moet de vloot, bestaande uit Airbus A220300’s, flink krimpen. Dit jaar nog brengt de Letse maatschappij het aantal vliegtuigen terug tot 36. Daarmee reduceert de vloot met een derde. Dat is overigens niet permanent: in 2031 wil de airline weer met 41 toestellen vliegen. Wat er tijdelijk met de Airbussen gebeurt, is nog niet bekend. Waarschijnlijk gaan een aantal terug naar hun lessors, en worden een aantal juist ingezet in de ACMI-operatie.
Dat AirBaltic het financieel moeilijk heeft, kent verschillende oorzaken. De vraag naar vliegtickets is afgenomen. Daarnaast spelen zowel de oorlog in Oekraïne als in het Midden-Oosten de airline parten. En de Airbussen van AirBaltic gebruiken Pratt&Whitney-motoren. Op dit moment is er echter een probleem met de beschikbaarheid van onderdelen. Daardoor staan vliegtuigen soms heel lang aan de grond.
Met alle maatregelen wil AirBaltic jaarlijks 45 miljoen euro gaan besparen. Ze benadrukt overigens dat er voorlopig voor passagiers geen merkbare gevolgen zijn.


